DSCN4757

What’s going on at 026? Kingsize opportunities!’ Fraaie slogans in de Koningstraat. Ondertussen in de binnenstad veel vertrekkende winkelketens, leegstaande kantoren en horeca die verdwijnt of verschijnt. Na het ruimtekoersfestival is het even zoeken. Hebben we te maken met lastige materie of zien we vooral nieuwe kansen en ludieke initiatieven? Niet te stoppen ontwikkelingen in maatschappij en techniek veranderen voorgoed onze binnensteden. Maar hoe dan? Vijf Arnhemse visionisten en ervaringsdeskundigen over 026 in 2030:

Edwin Verdurmen (directeur CASA / Centrum voor Architectuur en Stedenbouw Arnhem)

“Veel kantoorpanden zullen niet meer nodig zijn en worden omgebouwd tot woningen of appartementen. Die zien we nu al komen aan het Eusebiusplein en het Kerkplein. De warenmarkt verplaatst zich naar ‘De Markt’. Daar zullen veel meer biologische en lokale producten verkocht gaan worden. Ook voor de winkels in de binnenstad gaan we deze trend zien. De ambachtelijke bakker en slager komen weer terug en een aantal flagshipstores van grote merken zullen zich vestigen en handhaven. Sowieso zal het kerngebied voor winkelen een flink stuk kleiner zijn. De winkelstraten zoals we die nu kennen, ik zie ze niet meer in het Arnhem van over vijftien jaar.

De rivier zal in de toekomst meer gebruikt worden. Bootjes pendelen heen en weer en brengen mensen van het ene punt naar het andere. In het centrum kunnen leegstaande panden of overbodige gebouwen gesloopt worden en plaatsmaken voor woningbouw of parkjes. Groen wordt een belangrijke factor in de binnenstad. Qua horeca en uitgaan ontwikkelt het zich in de richting van geclusterde kroegjes. De Korenmarkt in de huidige vorm bestaat niet meer. Dat was een concept van de jaren tachtig en negentig. In de ‘Korenbeurs’ zit een stadsbrouwerij, geheel aansluitend op de trend van kwaliteit, ambacht en lokale producten.

Uiteindelijk veranderen stadscentra meer en meer van een place to buy in een place to be en een place to meet. Tegelijkertijd moeten we af van het idee dat de binnenstad een festivalterrein is. Ik denk zeker dat er nog ruimte is voor kleinschalige en tijdelijke initiatieven in entertainment, maar grote massa-evenementen in het centrum, daar zijn we wel klaar mee.”

DSCN4788

Heidi Linck (beeldend kunstenaar)

“Er is een horror vacui in de binnenstad. De binnenstad loopt leeg en als er al iets voor terug komt is dat een goedkope invulling van lage kwaliteit. Dat komt door hoe we tegen leegstand aankijken. Een leegstaand gebouw moet zo snel mogelijk weer worden ingevuld. Het moet nut hebben, een functie, het moet geld opleveren. Dat leidt vrijwel altijd tot inspiratieloze invullingen waarbij het gebouw als een verzameling vierkante meters wordt benaderd. Of er gebeurt helemaal niets, waardoor een terrein jarenlang braak ligt.

Gelukkig zijn er ook creatieve alternatieven waarbij het gebouw of de plek wordt gezien als een unieke locatie die een unieke invulling verdient. Waar architectuur en historie worden ingezet als potentie voor de toekomst. In 2030 zal duidelijk zijn dat je leegstand niet moet bestrijden maar kunt benutten als kans om de stad iets nieuws en bijzonders te geven. Arnhem is een stad met een kunstacademie waar niet alleen talentvolle modeontwerpers afstuderen, maar ook kunstenaars voor wie kunst en architectuur hetzelfde werkveld zijn. Zij zijn in staat om leegstand te gebruiken voor bewust gekozen tijdelijkheid.

Stel je voor dat je in hetzelfde pand tijdelijk gaat werken, daarna tijdelijk gaat wonen, er daarna tijdelijk uitgaat en in periodes van leegstand die leegstand zelf als attractie inzet. Op die manier kan Arnhem wel eens een heel spannende en dynamische binnenstad krijgen waarbij elk pand een bijzondere historie ontwikkelt.”

DSCN4801

Petra de Kleermaeker (makelaar)

“De binnenstad van Arnhem in 2030? Voor wat betreft woningbouw zal er veel meer naar behoefte gekeken worden. Eigen ideeën en initiatieven van bewoners krijgen de ruimte en er wordt gebouwd voor diverse budgetten. De oude HAT-eenheden – woonruimtes voor één- of tweepersoonshuishoudens – zullen zijn teruggekeerd. In de binnenstad zullen veel meer ouderen wonen. In woningen waar je zo lang mogelijk je zelfstandigheid behoudt en waar zich in de buurt zorg en voorzieningen bevinden. Reeds bestaande en leegstaande panden zullen door nieuwe technieken eenvoudig geschikt zijn gemaakt voor die doelgroep.”

DSCN4756

Willem-Jelle Westra (communicatieprofessional)

“Waar voorheen plekken nodig waren om te werken en te winkelen neemt in 2030 iedereen zijn toevlucht tot het werken in de cloud en wordt er gewinkeld bij webshops. Fysieke ontmoetingsplekken verdwijnen en we ontmoeten elkaar massaal via internet. Desondanks blijven we met z’n allen behoefte houden aan echt en direct contact. Ik denk dat we moeten experimenteren met nieuwe initiatieven en probeersels die niet zozeer gericht zijn op een specifieke functie (wonen, winkelen, werken, uitgaan) maar meer gericht op het elkaar ontmoeten en het met elkaar zijn. Met mensen als doel op zich en niet als middel om nieuwe producten of diensten aan de man te brengen.”

DSCN4713

Paul de Bruijn (Bureau de Bruijn / urban inspiration)

“Wat er in ieder geval gebeurt is het verdwijnen van de grote winkelketens en een waardedaling van het vastgoed op de A1 locaties. Daardoor kunnen zich daar meer speciaalzaakjes vestigen. In de secundaire winkelstraten kun je dan maakindustrie, verkoop en wonen combineren in één persoon. Iemand heeft dan een eigen bedrijfje, woont erboven en doet vanuit die locatie ook de verkoop. Voor de gemeente vraagt dat ook een andere rol. Op het punt van bestemmingsplannen en zeggenschap. Niet langer meer bepalen wat er gebeurt maar veel meer hoe het gebeurt. Op de onderdelen gezondheid, veiligheid, milieu en overlast.

De Korenmarkt in zijn huidige vorm is niet langer houdbaar. Daar is eigenlijk tegen de tijd in gereageerd. De bevolkingssamenstelling gaat richting meer ouderen terwijl de doelgroep daar steeds jonger werd. Je zult echt met een andere formule moeten komen om te overleven. Overigens is leeftijd en oriëntatie op je eigen leeftijd steeds minder een item. Vroeger had de jeugd ‘geen ervaring’ en was je als oudere al snel een ‘oude lul’, nu loopt dat veel meer door elkaar. In nieuwe ontmoetingsplekken als Stella, Tape en Sugar Hill zie je dat jong en oud prima door elkaar mixen.

Als laatste nog de Rijnkade, oftewel de zuidelijke binnenstad. Dit deel van Arnhem heeft altijd al een andere betekenis gehad. Van oudsher lag het buiten de stadsmuren en het heeft nog steeds een eigen karakter, dat is de Rijn. Meer dan in het zoeken van de verbinding met de binnenstad zie ik dan ook de verbinding met de Stadsblokken en Meinerswijk. De energie van dit gebied ligt echt boven de Rijn en niet in het centrum.”

DSCN4837

Dit verhaal verscheen afgelopen woensdag ook in de Nieuwe Arnhemse Krant (NAK). De interviews met Edwin, Petra en Paul hield ik in april jonstleden. Heidi en Willem-Jelle leverden per mail een reactie aan. Alle foto’s maakte ik zelf, in de periode maart t/m mei 2015.